Baron d'Autouard beschrijft de overwinningsparade door de keizerlijke paleizen in
Peking
|
|
Nu marcheren de overwinningrijke heerscharen met wapperende vaandels het geheimzinnige afgesloten distrikt binnen, waar de alom tegenwoordigheid van de almachtige keizer gedurende eeuwen allen met een bijgelovige vrees vervulde, waar Chinezen zich slechts van ontzag bibberend binnen waagden met gebogen hoofd, en nooit had het oog van een vreemdeling de geheiligde paleizen en pagoden ontheiligd. Vanaf de muren van de eeuwenoude paleizen, waartussen tot nu toe slechts lofzangen op de zoon des Hemels geklonken hadden, schalden soldatenliederen, die zijn nederlaag vierden. [...] Op de klanken van de militaire kapel passeert de parade eerst de reeks binnenplaatsen en zalen de regeringsgebouwen langs de middenas van het paleis; de parade marcheert over de keizerlijke weg. En de grote vergulde bronzenleeuwen die als afschrikwekkende wachters voor de trappen zitten, glanzen als altijd in het zonlicht. Generaal Linijewitsch en zijn staf openen de stoet samen met het corps diplomatique. De Russische infanterie - een lange kolonne van prachtige breedgeschouderde mannen - marcheert op en laat de muurkalk onder de tred van hun laarzen dreunen. Na hun komen de Japanners, klein, gedrongen in strak zittende smetteloos schone uniformen, net zo marcherend als op het excercitieterrein. Op het gepiep van hun doedelzakken sluiten nu de Sikhs aan met hun gigantische tulbanden aan op elegante wijze; na hun komen de Amerikanen, zonder baarden als klerken, met viltenhoeden zoals woudlopers. Het contrast tussen die stijve angelsaksische troepen en onze "Marsouins" is opvallend. Op de maat van hun muzikanten marcheren zij met ferme pas, opgewekt en kranig,ondanks hun nog altijd vieze blauwdoekse uniformen, waarmee men hen belachelijk had uitgerust. Bij hen sluit een detachement uit Annam aan [Annam was een deel van het huidige Vietnam, traditioneel vijandig tegenover China, MK]. Tot slot verschijnen de Duitse, Franse en Oostenrijkse [sic] matrozen. Op het laatste binnenhof voor de noordelijke uitgang delen de Russische en Japanse troepen zich in twee rijen op. Het corps diplomatique blijft nu staan, laat de parade aan zich voor bij trekken en groet de mannen. Om half tien is het militaire festijn ten einde.
|