Zola over "Le Syndicat", Le Figaro, 1 december 1897

Na de Joodse grondleggers, na de leidinggevende familie komen de eenvoudige leden van het syndicaat, diegenen die men heeft omgekocht. Twee van de oudsten zijn de heer Bernard Lazare en majoor Forzinetti. Vervolgens komen de heer Scheurer-Kestner en de heer Monod. Tenslotte ontdekt men kolonel Picquart zonder de heer Leblois mee te tellen. En ik hoop dat ik sinds mijn eerste artikel deel uitmaak van deze bende. [...]

Een syndicaat om campagne te voeren totdat de waarheid aan het licht is gebracht, totdat recht is gedaan dwars door alle hindernissen heen, zelfs als er nog jaren van strijd noodzakelijk zullen zijn.

Van dit syndicaat, ah! Ja, ik ben er lid van en ik hoop dat alle moedige lieden van Frankrijk er deel van uit zullen maken!


terug