|
Voor de adel alle voorrechten
voor u, volk, al de arbeid.
Een mens wordt door de adel evenveel geacht als zijn honden en paarden.
En toch, aan het banket des levens zijn de kinderen,
door één Vader genodigd,
allen gezeten op plaatsen van dezelfde rang.
Uit: Klinkenberg, P., Van de Franse Revolutie tot de Restauratie. Amsterdam,
1924, p.23 |