Waarheid en fictie

Zoals altijd bij elke goede legendevorming zijn waarheid en fictie ook bij Marie Antoinette gemengd, waarbij de waarheid veel minder schokkend is dan de fictie ons wil doen geloven. Zo werd aan Marie Antoinette tal van minnaars toegedicht, terwijl de enige die hier voor zou kunnen doorgaan Fersen is geweest, waarmee zij een lange, discrete en ingewikkelde verhouding heeft gehad. Maar de problemen in de eerste jaren van haar huwelijk en de merkwaardige verhouding van haar tot Louis XVI maakte de rij van minnaars mogelijk. Haar bemoeizucht in de politiek wordt geďllustreerd in de manier waarop zij probeert Calonne in te ruilen voor Brienne, die bovendien de vriend was van abt De Vermond, in plaats van Necker. Dat wil niet zeggen dat ze ook maar enige kaas had gegeten van de precaire financiële situatie in Frankrijk in 1788 en 1789. Het is zeker niet zo dat zij een duidelijke lijn van politiek bedrijven had. Vanwaar dan dat rond deze middelmatige persoon toch het odium een van de grootste misdadigsters in de geschiedenis te zijn, hangt? Of zoals van Marie Antoinette gezegd wordt: Plus scélérate qu'Agrippine dont les crimes sont inouďs, plus lubrique que Messaline, plus barbare que Médicis. Een van de antwoorden zou kunnen zijn, dat Marie Antoinette zich geheel niet wenste te gedragen als een koningin, terwijl zij zich wel het air aanmat van koningin. Zij onttrok zich tegen wet en traditie in aan de regels van het zo openbaar mogelijke hofleven. Ook al heeft Marie Antoinette veel gedaan om Versailles een bloeiend hofleven te verschaffen, tegelijkertijd bleef zij vasthouden aan een persoonlijk, niet openbaar leven. Marie Antoinette wilde niet accepteren dat voor een koningin slechts publieke omstandigheden gelden. Juist het bouwen van l'Hameau bij het Trianon en het Petit Trianon zelf zijn even zovele bouwstenen in de legendevorming: immers dat wat aan het oog onttrokken is, kan slechts onoirbaar zijn. Goedgunstigheid van de koningin kon slechts wijzen op ongeoorloofde liaisons. De koningin als instituut werd door de publieke opinie op een dergelijk hoog voetstuk geplaatst, dat degene die probeert daar andere normen tegenover te stellen wel van heel goede huize moet komen om niet keihard van het voetstuk te lazeren en te worden uitgescholden voor hoer en "fureurs uterines", zoals Marie Antoinette overkomt. Hoewel Marie Antoinette lijdt onder de roddel en achterklap is ze toch niet in staat om bij elk nieuw schandaal daar op een of andere manier lessen uit te trekken. Ironisch is het dat aan de ene kant Marie Antoinette alles er aan gedaan heeft om de beeldvorming over een koningin en koninklijke personen naar beneden toe bij te stellen, maar dat aan de andere kant haar eigen gedrag slechts beoordeeld ziet met de oeroude normen van koninklijk gedrag. De Revolutie wijzigt dit beeld eigenlijk niet, alleen worden de elementen sterk vergroot. Nadat er een ijzig stilzwijgen in acht is genomen bij haar intocht in de Staten-Generaal, neemt zij in het gehele conflict een harde houding in. 

De revolutie is het einde

Met de Revolutie is voor haar geen vergelijk mogelijk. Voor de publieke opinie is alles wat zij in de jaren na de bestorming van de Bastille doet een bewijs van wat in eerdere jaren al beweerd werd. Zo wordt een brief van haar gevonden die de veldtochtplannen van Dumouriez in 1792 verraadt. 
De schotschriften tegen haar nemen dan ook een immense vlucht, waarbij pornografische elementen niet geschuwd werden. Het collectieve geheugen wordt zo sterk bespeeld, dat in het proces tegen Marie Antoinette in oktober 1793 het geen enkel probleem is om meer dan veertig getuigen te vinden die daar van allerlei misdaden beschuldigen. De kroon spant de openbare aanklager Fouqier-Tinville met zijn beschuldiging dat Marie Antoinette incestueuze handelingen zou hebben verricht met de dauphin. De dauphin is dan al gescheiden van zijn moeder en wordt door zijn bewaker Antoine Simon mishandeld.


.
Laatst bijgewerkt: 27 september 2010