Dajan heeft geen contact met mensen. Hij heeft geen nauwe betrekkingen met mensen; niet in gezinsverband en evenmin in een sociale groep. Hij heeft niet één vriend in de hele wereld. Hij kan zeer charmant zijn en iedereen amuseren, maar hij kan geen verhouding met mensen aanknopen. Zelfs zijn dochter Jael merkt, als zij over hem schrijft, op: "Als zijn bui goed is, is hij zeer charmant, maar hij heeft niet genoeg geduld om vol te houden tot hij resultaat heeft." In een artikel voor een damesblad dat bedoeld was om haar vader te vereren, voegt Jael hieraan toe: "De meeste mensen vervelen hem. Sommigen onmiddellijk, anderen na een half uur." Psychologen vinden dit misschien een ernstig symptoom, een onvermogen om in andere mensen geïnteresseerd te raken. Veel mensen zijn echter bereid Dajans openlijke afschuw voor anderen te zien als een teken van grootheid. De hele geschiedenis door schiepen leiders vaak een atmosfeer van verhevenheid om zich heen, met de gedachte dat vertrouwen minachting in de hand werkt. Maar Dajans minachting voor mensen is zo groot, dat het de vervulling van zijn ambities in de weg zal staan; sommigen van zijn vurigste aanhangers werden zijn vijanden toen hij hen zonder er een ogenblik bij stil te staan, opofferde omdat dat politiek opportuun was.
Hij heeft nooit een 'hofhouding' gehad, een groep adviseurs en vertrouwelingen, want hij schuwt adviezen en vertrouwt geen mens. Niet omdat hij van nature wantrouwig is, maar omdat hij niemand respecteert en zelfs niet probeert zijn minachting te verbergen. Het komt vaak genoeg voor, dat men Dajan in een van de lobbies van de Knesset kan zien praten met een volksvertegenwoordiger. In die gevallen kijkt Dajan uiterst ongeduldig om zich heen alsof hij wil zeggen: "Hoe op! Je zwetst!" Hij zit nooit langer dan een kwartier achter elkaar in de Knesset, is altijd ongeduldig en staat vaak midden onder een toespraak op, zelfs als die gehouden wordt door een van zijn partijgenoten - David Ben Goerion of Simon Peres - waarbij hij een gebaar maakt, dat zoveel zeggen wil als: "Hoe kan iemand hiernaar blijven luisteren?" Daarom is het onmogelijk dat Dajan ooit partijleider wordt. Toen Ben Goerion zich vlak voor de verkiezingen van 1956 van de Mapai afscheidde en de Rafi-partij vormde, sloot Dajan zich pas op het allerlaatste moment, slechts enkele uren voordat de lijst met namen van kandidaten moest worden overhandigd, daarbij aan. Sinds die tijd heeft hij slechts bij uitzondering vergaderingen bijgewoond en zijn kantoor op het partijbureau zag hij zelden of nooit.
Hoe kon zulk een man bestaan? Wat is zijn geheim? Het antwoord - voor zover we erachter kunnen komen - is een mengeling van psychologie en zionistische geschiedenis.
Misschien ligt de sleutel van het geheim verborgen in een paar zinnen die zijn dochter heel onschuldig heeft opgeschreven: "Hij is eenzaam en hij heeft welbewust en doelbewust voor de eenzaamheid gekozen. Hij zelf heeft de sleutel van zijn eigen gevangenis en toch zijn er heel wat zwakke plekken in dit bouwwerk, dat hij als verdediging om zich heen heeft opgetrokken. Ik geloof, dat hij heel erg aan zijn moeder, grootmoeder Devora, gehecht was, al was hij soms even ongeduldig tegenover haar als tegenover ieder ander. Hij huilde niet toen ze stierf."
Uit: Uri Avnery, Israël zonder Zionisten. Amsterdam/Brussel, 1970, p/115-116