De Franse premier Mollet en zijn minister Pineau herinnerden zich, dat de staat Israël zeer in het nauw werd gedreven door de sluiptochten van de Egyptische 'fedajien' en door de weigering van Egypte, schepen met ladingen van en voor Israël toe te laten tot de vaart door het Suezkanaal. Het was ingewijden bekend, dat de Israëli's overwogen, in het najaar, wanneer de grootste hitte voorbij was en voordat de regens de woestijnen onbegaanbaar zouden maken, een strafexpeditie te organiseren tegen Egypte en het de Sinaï te ontrukken, de Palestijnse strook van Gaza en de kust van de Golf van Akaba, die naar de Rode Zee leidde. Was de Golf van Akaba open en vrij, dan had Israël een uitgang naar het zuiden, zonder genoodzaakt te zijn gebruik te maken van het Suezkanaal.