Uit het Amerikaanse weekblad Time, 2 juni 1967
[...] van het begin af is de crisis het produkt geweest van enorme misrekeningen. Nasser, die bij herhaling en in het publiek had gewaarschuwd dat de Arabieren nog niet sterk genoeg waren om met succes Israël te bestrijden maakte de eerste fout door een wederzijds verdrag van bijstand te tekenen met zijn linkse kameraden in Syrië. Zijn bedoeling was om de regering van Damascus af te remmen in haar plannen om koste wat het kost en overijld oorlog te voeren tegen Israël, maar de Baath-partij was niet tegen te houden; zij ging door met hinderlijke aanvallen van terroristen in het Israëlische grensgebied. Premier Esjkol [van Israël] maakte de tweede vergissing door met oorlog te dreigen wanneer de Syriërs er niet mee ophielden. Er rekening mee houdend dat een Israëlische invasie op handen was, mobiliseerde Syrië daarop zijn leger en riep op grond van het wederzijdse verdrag van bijstand Egypte op hetzelfde te doen. Wanneer Nasser maar een schijntje van zijn dalend prestige in de Arabische wereld wou overhouden, moest hij noodgedwongen dit doen. Maar Nasser had nog één tegenwerping: de aanwezigheid van een kleine strijdmacht van de Verenigde Naties aan zijn grens met Israël - die hij in het verleden dikwijls als een excuus had gebruikt om niet tot actie over te gaan. Met de dreigende inval van Israël in Syrië voor ogen, kon hij moeilijk deze uitvlucht weer gebruiken, dus deed hij iets wat knap dubbelspel had kunnen zijn. Om aan zijn Arabische broeders te laten zien hoe moedig hij was verzocht hij om terugtrekking van de strijdkrachten van de Verenigde Naties, omdat hij verwachtte dat hier heel wat oppositie tegen zou ontstaan. Secretaris-generaal Oe Thant deed echter niet de goede tegenzet. Hij had tijd kunnen winnen en de gemoederen tot rust kunnen brengen door het verzoek uit te stellen of het voor de Veiligheidsraad te brengen. In plaats daarvan gaf hij tot verbazing van de gehele wereld, zonder zelfs maar overleg te plegen met de Veiligheidsraad of met de zeven staten, die bijdragen leverden voor de vredesmacht, en onder spitsvondige redeneringen, de VN-troepen bevel te vertrekken. Door deze actie, die in de westelijke hoofdsteden met ongeloof en ontzetting werd ontvangen, verloren Thant en de Verenigde Naties geheel hun daadwerkelijke vredesstichtende rol. Nasser zelf mag dan al verbaasd zijn geweest, maar Thants zet liet hem geen andere mogelijkheid, hij moest nu zijn eigen troepen inzetten of helemaal zijn gezicht verliezen.