P. Bor dichtte:
Heromnes is als de wind ongestadig,
Schandelijk, ondankbaar van goetheid weldadig.
Angstvluchtig voor gevaer, gierig na der winsten fuik,
Ende mind boven vrijheit den snoden dienst van de buik!
Van deze laffe en lage Heromnes leidt waarlijk geen enkele brug naar de opvatting van Groen van Prinster, die de godsdienststrijd tot de causa causarum van de opstand verklaart, 'een motief zonder, hetwelk men licht de bloedige botsingen had vermeden en zeker geen tachtig jaren van node had gehad omtot een verzoening te geraken.' Hoe nu? Strijdt de uitsluitend op de 'dienst van den buik' bedachte Heromnes tachtig jaren voor de religie? Inderdaad: een wonder!
Heromnes= Heer Allen (de volksmassa)
Uit: Kuttner, E., Het hongerjaar 1566. 1949, 1979, p.59