Beschrijving van de politieke toestand in de Nederlanden na het vertrek van Granvelle in 1564

Stadhouders en gewestelijke staten handelden op eigen gezag, ambten werden verkocht, rechters lieten zich omkopen. Het verzet tegen de bloedplakkaten werd algemeen bij edelen en burgers, Rooms en Onrooms. De ijver van de onmenselijke inquisiteur van Vlaanderen, Titelmans, wekte de grootste verontwaardiging op en veroorzaakte oproerige tonelen. De Staten van Brabant verklaarden de geloofsvervolging strijdig met de privilegiën van hun gewest; Antwerpen nam vervolgde Calvinisten uit Frankrijk op. De afkondiging der besluiten van 't concilie te Trente, als strijdig met de privilegiën, vermeerderde de onrust. In de financiën heerste verwarring, in alle zaken achteruitgang. De handel leed gevoelige verliezen door 't vertrek van vreemde kooplieden, vooral uit Antwerpen. Van vele zijden drong men aan op bijeenroeping der Algemeene Staten.

Uit: Vos, J. M., Van Oude Tijden tot heden. Geschiedenis van ons Vaderland. Groningen, 1920. p.60

terug