"Achter het voetvolk, piekeniersvendels van afdelingen haakschutters en musketiers omgeven, komt hier het geschut aan. Zware Brabanste paarden, twee voor elk kanon, door Duitse boeren bestuurd, trekken de zware kartouwen door de rivier. Een Duits kanonnier grijpt in het rad om bij het afgaan der overhelling het zwaar afrollend stuk mee te weerhouden. Een ander maakt zich gereed om bij het voortgaan aan te trekken. Op deover is geheel vooraan een trompetter te zien. Hier en daar steekt een vaandle boven de troepen uit, soms in 's prinsen kleuren, blauw, of met de groen en witte banen des konings of met de spreuk: "Pro lege, rege, grege." De ruiters, die als stroombrekers midden door de rivier staan, zijn door het mastbos van pieken te zien. Vooraan volgen enige Duitse musketiers een kanon."
Aldus J.H. Issings jr. in zijn bijschrift bij deze prent.

Uit: Putnam, Ruth, Willem de Zwijger. Alkmaar, 1910. p. 176