Malenkov, Georgi, 1902-1988
Malenkov brak zijn studie af om dienst te nemen in het Rode Leger.
Tijdens de Russische burgeroorlog werd hij politiek commissaris.
Na de dood van Stalin werd Malenkov in 1953
premier van de Sovjet Unie. In de machtsstrijd die volgde, verloor hij van
Chroesjtsjov. In
1955 trad hij dientengevolge af als premier.
Sinds 1946 behoorde tot het Politburo. In die hoedanigheid was hij een
trouw volgeling van Stalin. Hij kon evenwel
geen grote rol spelen, omdat hij overvleugeld werd door zijn rivaal
Zdjanov. In 1948 ' ontdekte' hij de 'samenzwering' die Zdjanov zou hebben
opgezet, de zogenaamde Leningrad-affaire. Zdjanov werd van deze ontdekking
dan ook het voornaamste slachtoffer. De daarop volgende terreurcampagne
stond onder leiding van Malenkov.
Dat leidde in 1955 dan ook tot zijn val toen de gang van zaken in de
Leningrad-affaire duidelijk werd en in de openbaarheid kwam.
In plaats van nu zelf het fysieke slachtoffer te worden kreeg hij een
andere functie: minister van Elektrische Energie, maar in 1957 werd hij
gedegradeerd tot directeur van een elektriciteitscentrale in Kazachstan.
In 1961 volgt uitstoting uit de partij. Nadien leidde hij een
teruggetrokken bestaan in Moskou.
|