Uit de rede van de staatsaanklager in het proces tegen Zinovjev, Kamenev en anderen, 1936

[..:] Onder leiding van onze partij en de Sovjet-regering hebben de volken van de USSR de industrialisatie van hun land tot werkelijkheid gemaakt, zijn produktiemiddelen vertienvoudigd en zijn rationale rijkdom verveelvoudigd en daarmee de voorwaarden geschapen voor een gelukkig en blij leven voor alle arbeiders van het socialistische Sovjet-land. De overwinning van het socialisme is voor alles een overwinning van onze dierbare bolsjewistische partij, van zijn leninistische-stalinistische lijn, zijn leninistische-stalinistische leiding, zijn Centraal Comité met de grote Stalin aan het hoofd [...]

Deze heren hebben in de voorgaande dagen geprobeerd zich voor het gerecht een 'edel' voorkomen te geven. Zij [...] probeerden hun misdaden een politieke schijn te geven, zij spraken over politieke strijd, van de een of andere politieke overeenkomst met een of andere zogenaamde politieke partij [...]

Deze pogingen zijn een leugenachtige camouflage van hun politieke leegheid en hun gebrek aan ideeën [...] Leugenaars en clowns, ellendige dwergen, blaffende mopshonden die zich boos maakten tegenover een olifant - zo ziet dit stelletje er uit!

Zij kunnen echter met wapens omgaan en dat is voor de gemeenschap een gevaar. Deze omstandigheid vereist bijzondere en ernstige maatregelen tegen hen. Het is niet voldoende hen aan de ketting te leggen, tegen hen moet gegrepen worden naar meer radicale strijdmiddelen. Dit stelletje bestaat niet uit politici, maar vormt een bende van moordenaars en misdadigers, dieven, die proberen staatsgoederen te stelen [...] De vijand is geniepig. Een geniepige vijand mag niet worden ontzien. Het hele volk kwam bij het eerste bericht van hun ongehoorde misdaad in beweging. Het hele volk beeft en is verontrust. En ik, de staatsaanklager, verenig mijn verontruste en verontwaardigde stem met de briesende stemmer van miljoenen!

Kameraden rechters, ik wil eindigen en u eraan herinneren wet de wet eist inzake de zwaarste misdaden tegen de staat. Staat u mij toe u te herinneren aan uw plicht, deze mensen, alle 16, schuldig te verklaren als staatsmisdadigers en tegen hen volledig alle wetsartikelen toe te passen die volgens de aanklacht vereist zijn. Ik eis dat deze dolgeworden honden allen zullen worden doodgeschoten!


terug