KoelakOorspronkelijk werd hiermee een rijke boer in Rusland aangeduid die zelf mensen in loondienst had. Koelak betekent in het Russisch letterlijk vuist (waarmee een loonarbeider er onder werd gehouden). Toen in het begin van de jaren dertig Stalin overging tot gedwongen collectivisatie van de landbouw, ging het regime over tot liquidatie van het koelakkendom als klasse. De collectivisatie van de landbouw moest met grof geweld worden doorgevoerd. Het begrip koelak bleek heel rekbaar: miljoenen (vaak arme) boeren werden naar onherbergzame streken van de Sovjetunie gedeporteerd. Ook Lenin had niet veel begrip voor de boeren, zoals blijkt uit zijn interview met H.G. Wells van 1920.
|