Over de verhouding tussen landbouw en industrialisatie. Meningen van Boecharin en Preobrazjenski tegenover elkaar gezetNikolaj Ivanovitsj Boecharin (1888-1938), de leidende theoreticus van de communistische partij, stond op het standpunt dat de boeren het slachtoffer mochten worden van de industrialisatie. Sterker nog: in zijn opvatting was industrialisatie onmogelijk als niet de boeren er tegelijk van zouden profiteren. Obogastsjajtes! riep hij de boeren toe, hetgeen zoveel betekende als: verrijk u, produceer en wordt welvarend. ... |
|
![]() |
Jevgeni
Aleksejevitsj Preobrazenski (1886-1937) was de economische theoreticus
van Trotski's 'linkse oppositie' (... Marx had in zijn analyse de
kapitalistische industriële ontwikkeling gebaseerd op de onteigening van
de boeren en de uitbuiti9ng van koloniën. Maar, zo redeneerde
Preobrazjenski, de Sovjetunie had geen koloniën en de boeren kon de
onmogelijk worden onteigend. Omdat het land in industrieel opzicht nog
zwak ontwikkeld was kon de industrie zelf met geen mogelijkheid de bronnen
opbrengen die nodig waren voor een snelle industrialisatie. Daarom moest
het investeringskapitaal wel van de boeren komen, daarom moest de
accumulatie wel ten koste van de boeren gaan.
|
|
|
|