Nixon in Peking

De Nixons logeerden in een gastenverblijf van de regering dat Taio Yoe Tai heette, het Visterras. Het gelige, bakstenen gebouw, opgetrokken in een onduidelijke westerse stijl, onderscheidde zich voornamelijk door lege tuinen en kale wilgebomen rondom een kleine bevroren vijver. Dicht in de buurt waren de belangrijkste adviseurs van de president ondergebracht, onder wie dr. Henry A. Kissinger en de minister van Buitenlandse Zaken, William P. Rogers.

Nixons stemming op dat moment was verre van jubelend. De afwezigheid van een menigte scheen aan te duiden dat de Chinese leiders hadden besloten het bezoek met ijzige correctheid te omringen. Maar in communistische China moet je leren het onverwachte te verwachten. Zo was het ook met Nixon. Het onverwachte kwam van de kant van premier Tsjoe En-lai: zouden de president en Kissinger het op prijs stellen hem te vergezellen naar de woning van de geŽerde Voorzitter Mao? Nixon reageerde bereidwillig op de roep van China's Olympus - en met grote geheimzinnigheid.

Terwijl de Amerikaanse journalisten en fotografen buiten het gastenverblijf wachtten om de president te vergezellen naar een geplande ontmoeting met Tsjoe in de Grote Hal van het Volk aan het Tienanmen Plein, glipten Nixon en Kissinger door een andere uitgang en spoedden zich in een hoekige 'Rode Vlag'-limousine met neergetrokken gordijnen naar de residentie van Mao [...]

De Nixons waren vroeg op en warm ingepakt op de dag dat ze de bijna vijftig kilometer lange autorit naar de bergen in het noordwesten ondernamen, om een bezoek te brengen aan de Chinese Grote Muur. Het was zonnig en koud. De wind nam in kracht toe naarmate de stoet de smalle kronkelende weg beklom naar de Nakoe Pas in de bergketen van Yen-sjan. [...] Nixon bleef er hooguit twintig minuten. Toen spoedde hij zich naar de nabijgelegen Ming-graven, uitgestrekte ondergrondse paleizen, waar de keizers en keizerinnen van China werden begraven temidden van een rijkdom die de luister van de Egyptische farao's naar de kroon steekt. Toen Nixon de ondergrondse schatten in een van de graven bekeek, zag hij iets bekends. "Ha!", riep hij, terwijl hij in een vitrine tuurde, waarin met juwelen bezet tafelgerei lag uitgestald. "Behalve eetstokjes hadden ze ook lepels." Daarna ging het per auto bergafwaarts naar Peking. (Uit: Onze jaren)


terug

 

 

terug